Zal ik mijn bedrijf nog wel doorgeven?
EiWijzer — editie mei
De twijfel die steeds meer ondernemers hardop uitspreken
“Waarom zou ik mijn kinderen dit nog aandoen?”
Tien jaar geleden hoorde je die vraag zelden.
Vandaag hoor je hem opvallend vaak.
Niet alleen bij kleine ondernemers.
Ook bij familiebedrijven met tientallen medewerkers, gezonde omzetten en een geschiedenis van meerdere generaties.
De twijfel gaat vaak niet over het bedrijf zelf.
Maar over het klimaat waarin ondernemerschap vandaag moet plaatsvinden.
- Regeldruk.
- Personeelstekorten.
- Stijgende loonkosten.
- Energieprijzen.
- Vergunningstrajecten.
- Maatschappelijke druk.
- Discussies rond stikstof, fiscaliteit en duurzaamheid.
- Banken die kritischer financieren.
- Marges die onder druk staan.
Veel ondernemers ervaren dat ondernemen minder draait om bouwen en steeds meer om verdedigen.
En precies daarom ontstaat een ongemakkelijke vraag:
Bescherm ik mijn opvolgers door het bedrijf níet door te geven?
Of ontneem ik ze juist de kans om verantwoordelijkheid te dragen en welvaart voort te zetten?
De somberheid onder ondernemers is geen gevoel meer alleen
De onzekerheid onder ondernemers wordt bevestigd door meerdere onderzoeken.
Zo liet een enquête van ondernemersorganisatie VNO-NCW zien dat veel ondernemers het investerings- en ondernemersklimaat in Nederland zien verslechteren.
Ook cijfers van CBS tonen al langere tijd aan dat ondernemersvertrouwen sterk onder druk staat in sectoren zoals industrie, bouw en logistiek.
Daarnaast waarschuwde Rabobank recent nog voor structurele druk op productiviteit, arbeidsmarkt en verdienvermogen van bedrijven in Nederland.
Volgens het jaarlijkse familiebedrijvenonderzoek van PwC Nederland en Nyenrode Business Universiteit worstelen veel familiebedrijven bovendien expliciet met opvolgingsvraagstukken, continuïteit en de aantrekkelijkheid van ondernemerschap voor de volgende generatie.
De twijfel zit dus niet alleen “tussen de oren”.
Die leeft breed.
Maar misschien romantiseren we het verleden
Toch zit hier ook een gevaar.
Veel ondernemers vergelijken het huidige klimaat met een verleden dat achteraf overzichtelijker lijkt dan het werkelijk was.
Ook eerdere generaties kregen zware periodes voor hun kiezen.
- De oliecrisis.
- Torenhoge rente.
- Globalisering.
- Goedkope productie uit Azië.
- Financiële crises.
- Faillissementsgolven.
- Massale reorganisaties.
Ondernemen is historisch gezien zelden comfortabel geweest.
Alleen voelde verantwoordelijkheid vroeger vanzelfsprekender.
Vandaag lijkt ondernemerschap vaker verdedigd te moeten worden.
Alsof winst maken, risico nemen en werkgeverschap bijna verdacht zijn geworden.
Dat verandert iets in de mentale belasting van ondernemers.
Beschermen we opvolgers… of maken we ze kwetsbaar?
En daar ontstaat de echte spanning.
Veel ondernemers willen hun kinderen of opvolgers beschermen tegen stress, druk en onzekerheid.
Begrijpelijk.
Maar wat gebeurt er als een generatie niet meer leert dragen?
Want welvaart ontstaat niet vanzelf.
Bedrijven ontstaan niet vanzelf.
Werkgelegenheid ontstaat niet vanzelf.
Continuïteit ontstaat niet vanzelf.
Elke generatie profiteert van offers die eerdere generaties hebben gebracht.
De vraag is daarom misschien niet:
“Moeten we opvolgers beschermen tegen verantwoordelijkheid?”
Maar eerder:
“Hoe bereiden we opvolgers beter voor op verantwoordelijkheid?”
De nieuwe generatie hoeft niet harder te werken. Wel scherper.
De oplossing ligt waarschijnlijk niet in teruggaan naar de oude generatiecultuur van eindeloos uren maken.
Maar ook niet in het vermijden van verantwoordelijkheid.
De toekomst vraagt waarschijnlijk om een ander type leider.
Leiders die:
-
financieel begrijpen wat er gebeurt;
-
mensen kunnen meenemen;
-
strategisch leren denken;
-
grenzen durven stellen;
-
cultuur kunnen bouwen;
-
omgaan met onzekerheid;
-
verantwoordelijkheid dragen zonder zichzelf kwijt te raken.
Niet alleen harder werken. Maar volwassen leren sturen.
De echte vraag achter bedrijfsopvolging
Veel opvolgingstrajecten gaan over fiscaliteit, aandelen en structuren.
Maar onder de oppervlakte speelt vaak iets anders.
- Twijfel.
- Angst.
- Verantwoordelijkheid.
- Identiteit.
- Loyaliteit richting familie.
- De vraag of het offer nog wel opweegt tegen de vrijheid.
Dat gesprek wordt in veel bedrijven nauwelijks gevoerd.
Terwijl juist dát bepaalt of een opvolging duurzaam wordt.
Wat wij zien bij Ei Openers
Binnen het programma ‘Leiders van morgen’ bespreken we die spanning expliciet.
Niet alleen:
“Hoe neem je ooit een bedrijf over?”
Maar juist:
-
Waarom zou je het überhaupt willen?
-
Welke verantwoordelijkheid hoort daarbij?
-
Hoe ga je om met druk?
-
Hoe blijf je ondernemer zonder jezelf kwijt te raken?
-
En hoe bouw je verder zonder blind hetzelfde patroon te herhalen?
Want de toekomst vraagt waarschijnlijk niet om minder ondernemers.
Maar om volwassenere ondernemers.
En misschien begint opvolging niet bij de overdracht van aandelen.
Maar bij de bereidheid om verantwoordelijkheid te dragen wanneer het klimaat tegenzit.
Bronnen en onderzoeken
EiWijzer editie#19 mei